Energie besparen klinkt al snel als een grote klus met isolatie, zonnepanelen en een warmtepomp. Die investeringen kunnen zinvol zijn, maar ook zonder verbouwing valt er in de meeste huizen iets te halen. Het zit vaak in gewoontes en kleine aanpassingen die weinig kosten.
Een groot deel van het energieverbruik gaat naar verwarming. Tochtstrips langs deuren en ramen zijn goedkoop en snel aan te brengen. Een tochtrol onder de voordeur of een borstel achter de brievenbus helpt ook. Doe 's avonds de gordijnen dicht, dan blijft er meer warmte in de kamer. Radiatorfolie achter radiatoren aan een buitenmuur kaatst warmte terug de kamer in.
De thermostaat een graad lager zetten merk je nauwelijks, zeker met een trui aan. Verwarm alleen de kamers waar je bent en zet de verwarming lager als je slaapt of weg bent. Een programmeerbare of slimme thermostaat doet dat vanzelf.
Douchen kost meer energie dan veel mensen denken, omdat het water verwarmd moet worden. Een paar minuten korter douchen scheelt al. Een waterbesparende douchekop zorgt ervoor dat je minder water gebruikt zonder dat het als een miezerig straaltje voelt.
Apparaten op stand-by verbruiken ongemerkt stroom. Denk aan de televisie, spelcomputer, printer en opladers die in het stopcontact blijven zitten. Een stekkerdoos met schakelaar maakt het makkelijk om alles in één keer uit te zetten. Verder helpt het om:
Houd je meterstanden een tijdje bij, dan zie je wat het oplevert. Dat werkt vaak motiverender dan welk voornemen ook.